Historicus: 'Geur van soja en koffie hoort bij de stad'
UTRECHT Nu het feestgedruis rond de op handen zijnde sluiting van de sojafabriek Cereol in Utrecht-West enigszins verstomt, is het eerste tegengeluid te horen. Een groepje bewoners van de Keulsekade, dat pal tegenover de fabriek woont, wil dat de fabriek in de wijk blijft.
Bewoonster Corine Vis gaat de protestgroep Pro-Soja oprichten. Zij heeft een medestander gevonden in de Utrechtse historicus Hans Buiter. Hij noemt het einde van Cereol een groot verlies voor de stad.
Het stadsbestuur van Utrecht maakte deze week bekend dat het de sojafabriek aan de rand van de wijk Oog in Al gaat uitkopen voor 37 miljoen gulden. Een groep bewoners, die al jaren klaagt over overlast van de fabriek, is hier erg blij mee. De protestgroep Pro-Soja moet volgens Vis voor het nodige tegengeluid zorgen, al lijkt hun strijd bij voorbaat verloren.
Vis zegt juist tien jaar geleden naar de Keulsekade te zijn verhuisd, om 'te kunnen genieten van de aanblik van de fabriek in vol bedrijf'. "Als ik vanuit mijn raam die enorme grijpers in die boten zie graaien, dan denk ik: dit leeft gewoon. Van de geur heb ik nauwelijks last. Het is een klein groepje in Oog in Al dat hard heeft geschreeuwd, maar de mensen uit bijvoorbeeld Lombok zijn nooit gehoord. Nu gaan ze op die plek stomme appartementen bouwen voor mensen met heel veel geld, en daar heb ik niks aan. Ik ervaar deze levendige industrie als schoonheid".
Vis vindt het belangrijk dat de fabriek in de wijk blijft uit cultuurhistorisch oogpunt, zeker nu het 100-jarig jubileum in 2008 nabij is. Historicus Hans Buiter gaat nog verder. Waarom worden molens wel steeds in bedrijf gehouden, en wordt alle modernere industrie afgebroken, vraagt hij zich af. "Zo krijg je extreem eenzijdig erfgoed. Nu ook Cereol verdwijnt, gaan we naar een steriele en schoon opgepoetste stad, rijp voor de consument. Straks moet ook Douwe Egberts zich nog zorgen gaan maken".
Buiter schreef in 1997 het boek 'Fabriekswerk - Industrieel erfgoed in de provincie Utrecht'. Op de kaft van het boek prijkt Cereol in vol bedrijf. Hij vindt het mooi dat je aan oude fabrieken als de voormalige Stichtse Oliën- en Lijnkoekenfabriek - nu Cereol - nog kan zien wat er binnen gebeurde, in tegenstelling tot de 'anonieme dozen', die nu worden gebouwd. "Zo vervreemden mensen van hun industriële wortels. De geur van soja, brood en koffie hoort bij de stad. " De historicus hoopt dan ook dat behalve het gebouw uit 1908 ook wat silo's en zeker de 60 meter hoge schoorsteen van Cereol behouden blijft, als de fabriek ophoudt met draaien.
Mathilde Kruse, motor achter de stichting Oog in Al Leefbaar tegen Cereol, benadrukt nog eens 'dat het niet meer ging met die fabriek in een woonwijk'. Zij is blij na meer dan tien jaar strijd. "Het is natuurlijk wel erg voor de zestig Cereol-werknemers die hun baan verliezen".
Utrechts Nieuwsblad |Door Charlotte Huisman| 8 november 2001
|