Toelichting op LoMBox door Charlotte Ernst
Hoe ben ik tot dit onderwerp gekomen?
Bij de verkiezingen van mei 2002, moest ik samen met alle andere Utrechters naast de gewone verkiezing ook stemmen voor het referendum van het stationsgebied. Ik was toen op zoek naar een onderwerp voor mijn afstuderen en heb me toen wat verder in die plannen verdiept. Ik zag dat er ook al jaren plannen waren voor een nieuwe moskee op de Kop van Lombok. Tevens stond bij deze verkiezingen het integratieprobleem centraal. Waarom kon dit allemaal niet gecombineerd worden, vroeg ik mij toen af.

Een plan voor een nieuwe moskee voor Lombok ligt er, en nu ook plannen om het Westplein aan te pakken en zo Lombok bij de binnenstad te trekken. Maar een gezamenlijk uitgangspunt ontbreekt.
Uit gesprekken die ik voerde met het moskeebestuur en de architect van de nieuwe moskee, bleek dat zij zoeken naar een eigentijdsere vormgeving. Ook zouden er naast de gebedsfunctie, nevenfuncties worden toegevoegd aan de moskee. Maar de verdere mogelijkheden die van het nieuwe stationsgebied mbt de locatie en integratie worden niet uitgebuit.
Dit komt natuurlijk voort uit het bestemmingsplan, de vele regels en geldkwesties. Iets waar ik me als student met mijn afstudeerproject niet zo strak aan hoefde te houden. Natuurlijk ben ik wel vanuit een aantal uitgangspunten gaan ontwerpen en heb ik een studie gedaan naar de verschillende mogelijkheden.
Stedebouwkundig plan
Zo ben ik voor het stedebouwkundig plan uitgegaan van de visie van stedebouwkundig buro VHP, dat eerder op deze site werd getoond. Hierbij wordt het water in de Leidsche Rijn hersteld en het Westplein ondertunneld, hierdoor zou een betere verbinding met de binnenstad mogelijk zijn. Tevens wordt het grote Lombokplein vervangen door meer intiemere openbare plekken; langs het water, de haven en rondom de nieuwe moskee. Ik heb dit verder uitgewerkt met o.a. kleine kiosken onder het spoor, zodat het winkelhart van de binnenstad direct doorloopt in de bruisende Kanaalstraat. De exacte locatie voor mijn cultureel centrum heb ik verplaatst naar de waterkant, nu nog het drukke Westplein. Hierdoor bevindt het gebouw zich exact op de 2 assen van de binnenstad en de Kanaalstraat. Dit is verder benadrukt door twee verschillende entrees voor het gebouw aan de Kanaalstraat. Vanuit de binnenstad benadert, gaat de open, glazen entree het gebouw in en komt men direct in de ontvangsthal-expositieruimte terecht. Terwijl de entree vanuit de wijk benaderd, juist indirect is en het gebouw in wordt gevouwen. Dit is als een zijstraat binnenin een bazaar; je lijkt ergens naar binnen te gaan, maar bent in werkelijkheid nog buiten. Ook is het gebouw nu direct vanuit de achterzijde van het station te bereiken. Aan deze waterkant leidt een naar beneden hellende steeg het gebouw in. Of eigenlijk leidt dit naar het hart van het gebouw: de patio. Een openbare buiten ruimte binnenin het gebouw. In de toekomst varen er ook rondvaartboten en watertaxis langs zodat het een toeristische trekpleister voor de hele stad zou kunnen worden.

LoMBoX
Het gebouw is ontworpen vanuit zijn omgeving, daarmee wil ik zeggen dat het aansluit bij de lage baksteen bebouwing in Lombok. Verder houdt het ook deze strakke kavelstructuur aan en staat dus niet gedraaid op het grondvlak. Zo ontstaat er een vierkante doos, de LoMBoX, die net iets hoger is dan de omliggende bebouwing. Deze doos is opgebouwd uit gangenstelsels die een weg banen naar alle verschillende functies en een centrale patio.
Deze buitenruimte is openbaar en alle wanden hierop uitkijkend zijn transparant, zodat een doorkijk naar de andere functies wordt gecreëerd. Een op zichzelf staand element binnen deze strakke doos is de gebedszaal,welke boven het gebouw uitsteekt en al vanaf de straat en vanuit de trein te zien is. De zaal is een naar Mekka gedraaide en tevens voorover buigende vorm, die aan de buitenkant soms uit het gebouw steekt. Deze zaal is zon 22m hoog en bekleed met jute, welke werkt als een beschermende huid. Tevens is in de jute een patroon terug te vinden dat een zekere transparantie in zich heeft, dit refereert naar de patronen gebruikt in Arabische architectuur. De binnenkant van de zaal is zo sereen mogelijk gehouden op de gekleurde tapijten op de vloer na. Alle elementen van de gebedszaal, zoals de nis in de gebedswand, mihrab, zijn deel van de zaal. Ze worden als het ware omgevouwen uit de wand, net als de vlakken op de wand, die zorgen voor een indirect lichtinval. Dit samen met de achterwand die op de moskeegangers neerdaalt, zorgt voor een totale overgave tijdens het gebed.

Functies
Verder bevinden zich in het gebouw naast de gebedszaal, een jongeren centrum, met o.a. tv-kamer, ontmoetingsruimten, internetvoorzieningen, studiekamers een basketbalveld op het dak. Een hamam, met verschillende badruimten, rustruimte, privé-patio, crèche en badwinkel. En verder de meer algemenere functies om juist de verschillende identiteiten samen te brengen: expositieruimten gericht op de historie van Nederland en de achtergronden van de islam, een luie zittrap te gebruiken als auditorium, een café in de patio, een boekenwinkel met voornamelijk islamitische boeken en Nederlandse taalboeken, cursusruimten met internet, verhuurbare ruimten en een Arabisch restaurant helemaal bovenin met een bijbehorende kookwinkel. Al deze ruimten functioneren apart en zijn vanuit de gezamenlijke patio te bereiken. Een andere route is die vanuit de ontvangsthal aan de Kanaalstraat. Hier begin je in de tijdelijke expositieruimte en je wordt binnendoor via trappen, liften of hellende vloerdelen geleid langs de verschillende functies.
De functies worden dus samengebracht in één gebouw, maar moeten niet gedwongen integreren. Ze staan op zichzelf en behouden dus allen hun eigen identiteit en privacy. Het gaat hier meer om het wederzijdse begrip dat men voor elkaar krijgt door het zien van de ander.
Waarom een Nederlands-islamitisch cultureel centrum ipv een moskee?
Dit is omdat ik denk dat de moskee niet enkel belangrijk is voor de islamitische gemeenschap, maar ook een belangrijke rol kan spelen in het integratieprobleem. Al van oudsher is in islamitische landen de moskee niet enkel een huis voor gebed, maar biedt het ook plek voor andere functies. Hierbij valt te denken aan een koranschool, winkeltjes, ontmoetingsruimte en hamam.
Nu is de rol en de vorm die de moskee aanneemt in Nederland beduidend anders dan in deze islamitische landen. In Nederland is de moskee een plek voornamelijk gericht op de mannen binnen de islam gemeenschap. De jongeren hebben liever een eigen plek om elkaar te ontmoeten, dan dat zij gaan bidden in de moskee. En de meeste vrouwen bidden individueel in eigen huis. Dit omdat een geschikte ruimte voor hen in vele moskeen nog ontbreekt, maar ook omdat voor hen de mogelijkheden moeilijker zijn; zij zitten vaak met kinderen waar geen opvang voor is en ontmoeten van andere vrouwen gebeurd ook niet veel.
Daarnaast worden deze beide groepenin de Nederlandse samenleving vaak als een probleem gezien. De jongeren zouden teveel rotzooi trappen op straat en de vrouwen zouden niet geïntegreerd zijn in de Nederlandse samenleving. Dit omdat zij slecht Nederlands spreken, weinig het huis uitkomen en daardoor niet veel mensen zouden ontmoeten. Maar zijn dit wel werkelijke problemen, of wordt er geen plek geboden om dit te ontplooien? Dit terwijl juist deze twee groepen zó van belang zijn voor het bevorderen van de integratie. De jongeren hebben immers de toekomst hier in Nederland en de vrouwen zijn vaak de spil van het gezin: zij voedden de kinderen op en geven dus een basis mee die wel of niet aansluit op de Nederlandse opvoeding.
|
|
|
Verder is de benaming van het centrum ook bepalend voor het totale publiek dat er zal komen; een moskee wekt al zoveel associaties op bij mensen dat een niet-moslim zich er niet toe aan getrokken zal voelen. Een Nederlands-islamitisch cultureel centrum dus, want ik wil met mijn gebouw ook de autochtone bevolking aantrekken. Integratie komt immers van twee kanten en beiden moeten van elkaar leren en begrip opbrengen. Hierbij spelen de algemenere functies een grote rol; zij zijn in eerste instantie aantrekkelijk zowel als toeristische trekpleister als voor mensen uit de wijk. Daarnaast zullen zij juist ook de verschillende groepen dichter bij elkaar brengen. Is het niet door het samen ondernemen van activiteiten, dan wel door het zien van de ander.
Tevens denk ik dat het van belang is om de vormgeving van het gebouw zo neutraal mogelijk te houden. Op deze manier zal het aantrekkelijk zijn voor iedereen. De vormgeving van het gebouw past dan ook in haar eigen omgeving. Het heeft de openheid van elk openbaar gebouw in Nederland, maar subtiele verwijzingen en elementen naar de islamitische architectuur zijn ook gebruikt. Zo heb ik een eigen interpretatie gemaakt van het bazaarprincipe, met haar gangenstelsel en patio. Verder is het gebouw opgetrokken in een oer-Hollandse baksteen, maar in het groen;de kleur van de islam. Deze baksteen is ook in verschillende metselwerkverbanden aangebracht, waardoor een geometrisch patroon ontstaat. Steeds heb ik gezocht naar een afweging voor open en geslotenheid: de openheid van Nederland en de mysterieuze geborgenheid van de Arabische wereld.
Zo is dit hele ontwerp voortgekomen uit een onderzoek naar de mogelijkheden voor een nieuw soort moskee in Nederland, voor het stationsgebied in Utrecht en mogelijkheden binnenin de LoMBoX. Mijns inziens is het een nieuwe insteek voor het integratieprobleem, waar gemeenten zowel als islamitische gemeenschappen hopelijk open voor zullen staan.
Charlotte Ernst | LomboX 20-11-03
omhoog
|
 |